In Nederland ben je eigenlijk nooit langer dan een halfuur van een kartbaan verwijderd – dorpjes die door de samenleving vergeten zijn niet meegerekend. Dat is top, want zo kan iedereen voor nog geen 20 euro een heat karten. En hoewel het goed is dat iedereen zich aan deze primaire levensbehoefte tegoed kan doen, brengt het ook kleine frustraties met zich mee. Want hoewel iedereen kan karten, betekent het niet dat iedereen kan karten. Daarom moeten karts een toeter krijgen. We leggen uit waarom.

Dat niet iedereen met z’n eigen helm of handschoenen naar de kartbaan komt om daar te jagen op het weekrecord, dat is helemaal terecht. En logisch, want je komt er in de eerste plaats voor je plezier. Dat is ons tenminste verteld. Het probleem is dat veel mensen op het moment dat de helm (het liefst met wat restzweet van je voorganger) over het hoofd glijdt, vergeten dat ze een sternocleidomastoïde hebben. Dit is de spier die je hoofd draait, zo leerde Wikipedia ons.

De blauwe vlag wordt genegeerd

De marshalls op de kartbaan kunnen nog zo goed uitleg geven over de blauwe vlag, in de praktijk let 80 procent van de rijders niet op de vlaggen en kijken ze al helemaal niet om zich heen. Als jij dan net met een lekkere ronde bezig bent, kan deze bruut worden verstoord door een zigzaggende mederijder die denkt dat driften nog weleens sneller zou kunnen zijn. Het resultaat is dat jij aan het einde van de sessie weer moet terugvallen op de redenering dat jouw maatje ‘lichter is en daarom sneller’.

Inhalen en door het verkeer rijden is onderdeel van de charme van karten op een publieke baan. Een goed punt kiezen om in te halen of later te remmen is ook onderdeel van het racen. Het probleem is dat onervaren coureurs nogal onvoorspelbaar kunnen rijden. En er zijn maar weinig zaken frustrerender dan twee ronden lang achter een trage karter blijven hangen die weigert aan de kant te gaan. Het zou niet netjes zijn van ons om te beweren dat dit de reden is dat bumperkusjes zijn uitgevonden, dus dat zullen we niet doen.

Karts moeten een toeter krijgen – of spiegels

De oplossing is simpel. Geef de karts een subtiele toeter, zodat je vriendelijk doch dringend kunt verzoeken of de persoon voor je aan de kant wil gaan. Spiegels zouden ook al een goede oplossing zijn, maar die zouden het waarschijnlijk niet langer dan drie sessies volhouden. Of misschien iets van een stille toeter, die een blauw lampje laat branden op het stuur van je voorganger. We moeten immers ook een beetje aan het personeel denken.