Rijden F1-coureurs altijd met dezelfde auto?

Wees er maar zeker van dat Bottas in Portugal niet meer in dezelfde auto zit als waarmee hij in Italië aan de start verscheen. Na de crash met Russell was het chassis afgeschreven. Het team kon met flinke moeite nog wel de motor redden en monteren in een nieuw chassis. Maar hoe zit dat in het algemeen? Als coureurs niet crashen, rijden ze dan altijd in dezelfde auto? Of zetten F1-teams meerdere auto’s in?

Vijf setjes spullen

Aan het begin van het jaar maken alle teams vijf setjes met niet-kritische spullen die ze nodig hebben in een raceweekend. Denk hierbij aan kleding voor de crew, de opbouw van de hospitality en merchandise. Deze gaan per containerschip naar verschillende bestemmingen. Bij een normaal seizoen vertrekt er dus eentje naar Australië, die daarna naar Canada gaat voor de volgende race.

Rijden F1-coureurs altijd met dezelfde auto?

Je zou kunnen denken dat de teams alvast een extra F1-auto naar dezelfde bestemming laten vervoeren, maar dat is niet zo. In principe hebben alle teams echt maar twee F1-auto’s waarmee ze racen. Deze gaan na elke race helemaal uit elkaar en worden in verschillende kisten opgedeeld. Per vliegtuig of per vrachtwagen (afhankelijk van de bestemming) worden de auto’s naar het volgende circuit vervoerd.

Andere belangrijke zaken, zoals reserve-onderdelen en de opbouw van de pitbox, vliegen of rijden met de F1-auto’s mee. Elk team vervoert zo’n 2.000 ton aan spullen per race. De teams mogen volgens de reglementen pas gaan opbouwen als alles, tot het laatste onderdeel, aanwezig is op het circuit. De volledige studio van Liberty Media om de races uit te zenden, verhuist ook mee met het hele circus.

Wel meer auto’s in onderdelen

De coureurs rijden dus altijd met dezelfde auto, als hij de race daarvoor heel is gebleven. Wel hebben de teams genoeg reserve-onderdelen bij zich om een volledige nieuwe auto op te bouwen, als dat nodig is. Door het seizoen heen vervangt het team onderdelen aan de auto omdat ze stuk zijn of omdat er betere onderdelen zijn ontwikkeld. Dus 100 procent dezelfde auto is het nooit.

Vroeger hadden F1-teams wel meer auto’s

Iets meer dan tien jaar geleden was het voor teams nog wel toegestaan om een volledige reserveauto te hebben. Deze auto’s worden vaak ‘T-cars’ genoemd. Om de kosten te verlagen en het dus eerlijker te maken voor de teams met kleinere budgetten werden deze reserveauto’s verboden. Nu moeten monteurs dus een nachtje doorhalen als een coureur een auto aan gort rijdt, zodat de auto er de volgende ochtend weer klaar voor is.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *